Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 7:8:2:1

Periodieke salarisverhoging

Onderdeel van CAR/UWO

Gedurende de periode van ongeschiktheid wegens ziekte of gebrek wordt door de ambtenaar, die op het maximum van de functionele schaal is ingedeeld, een jaar salarisanciënniteit toegekend, indien de ambtenaar voldoet aan het bepaalde in het tweede lid van artikel 6 van de Bezoldigingsregeling; in het daaraan voorafgaande kalenderjaar aan het bepaalde in het tweede lid van artikel 6 van de Bezoldigingsregeling heeft voldaan; in het daaraan voorafgaande kalenderjaar aan het bepaalde in het eerste en tweede lid van artikel 8 van de Bezoldigingsregeling heeft voldaan. Indien het voor het tweede achtereenvolgend jaar niet mogelijk is gebleken aan het bepaalde in het tweede lid van artikel 6 van de Bezoldigingsregeling te voldoen wordt geen jaar salarisanciënniteit toegekend, tenzij sprake is van ongeschiktheid wegens ziekte of gebrek in of door de dienst. Gedurende de periode van ongeschiktheid wegens ziekte of gebrek wordt het salaris van de ambtenaar die niet onder het eerste lid valt jaarlijks verhoogd op de wijze als in de betreffende schaal of CAR-schaal is aangegeven, indien de ambtenaar voldoet aan het bepaalde in het eerste of tweede lid van artikel 8 van de Bezoldigingsregeling of in het daaraan voorafgaande kalenderjaar aan het bepaalde in het eerste of tweede lid van artikel 8 van de Bezoldigingsregeling heeft voldaan. Indien het voor het tweede achtereenvolgend jaar niet mogelijk is gebleken aan het bepaalde in het eerste of tweede lid van artikel 8 van de Bezoldigingsregeling te voldoen wordt het salaris niet verhoogd, tenzij sprake is van ongeschiktheid wegens ziekte of gebrek in of door de dienst.

Rechtspraak bij dit artikel