Artikel 8:3, derde lid, geldt niet voor het onderwijzend personeelslid werkzaam binnen de kunstzinnige vorming, dat voor minder dan 5 uur of minder dan de helft van zijn formele arbeidsduur ontslagen wordt op grond van artikel 8:3.
Ontslag op grond van artikel 8:3 van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, vindt slechts plaats indien het na een zorgvuldig onderzoek niet mogelijk is gebleken om de ambtenaar binnen de openbare dienst van de gemeente andere mede in verband met zijn persoonlijkheid en omstandigheden voor hem passende werkzaamheden op te dragen, dan wel indien deze zodanige werkzaamheden weigert te aanvaarden.
Bij ontslag op grond van artikel 8:3 van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, wordt een opzegtermijn van drie maanden in acht genomen.