Tenzij een andere opdracht is gegeven, behoort een dienstreis via de kortste of snelste route te worden gemaakt.
De plaats van tewerkstelling wordt door het bevoegde gezag als begin- en eindpunt aangemerkt.
Bij iedere declaratie reiskostenvergoeding geldt dat voor wat betreft de reisafstand de Medewerker uit dient te gaan van de uitgebreide routeplanner Europa met daarbij de kortste route. Deze routeplanner is te vinden op www.anwb.nl. Op de routeplanner dienen de postcodes ingevoerd te worden van de locatie waar de medewerker werkt en de locatie waarheen wordt gereisd en deze afstand op te voeren. De routeplanner dient als bewijsstuk te worden toegevoegd.
Het aantal kilometers wordt naar boven afgerond tot het naast hogere gehele getal.
In afwijking van het bepaalde in lid 2 kan de woning van de ambtenaar of een andere plaats als beginpunt of eindpunt van de dienstreis worden aangemerkt, tenzij op de heenreis of de terugreis de plaats van tewerkstelling wordt bezocht.