Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6 Cultuur

Artikel 6:74

Subsidieplafond en verdelingsregels

Onderdeel van Nadere regels subsidies gemeente Groningen

1.. Het subsidieplafond voor activiteiten van particulieren bedraagt voor de hele looptijd van deze paragraaf € 12.000. 2.. Het college stelt voor de activiteiten van organisaties twee aanvraagperioden vast. De eerste aanvraagperiode loopt van 15 juni tot en met 31 december 2017; de tweede aanvraagperiode loopt van 1 januari tot en met 31 december 2018. 3.. Het subsidieplafond voor beide aanvraagperioden tezamen bedraagt voor de hele looptijd van deze regeling € 58.000. 4.. Als op 31 januari 2018 nog een deel van het subsidiebudget voor activiteiten van organisaties resteert, kan het college dit toevoegen aan het subsidiebudget voor activiteiten van particulieren. 5.. Als het totaal van de subsidieaanvragen hoger is dan het in lid 1 van dit artikel genoemde subsidieplafond dan wordt het beschikbare plafond over de in aanmerking komende subsidieaanvragen verdeeld op basis van de volgorde waarop ze bij het college zijn binnengekomen. 6.. Als het totaal van de subsidieaanvragen hoger is dan het in de lid 3 van dit artikel genoemde subsidieplafond dan komen aanvragen eerder voor subsidie in aanmerking naarmate: meer sprake is van doorontwikkeling en verduurzaming van reeds bestaande initiatieven; meer ouderen aan de activiteiten deelnemen; activiteiten aantoonbaar meer op initiatief van de ouderen worden georganiseerd; meer sprake is van een gelijkmatige spreiding van de activiteiten in de provincie Groningen; de betrokkenheid van organisaties uit andere domeinen dan cultuur groter is; de activiteiten meer worden geprogrammeerd in de actiemaand voor ouderen Kunst op Stee en/of het festival De kunst van het ouder worden. 7.. In de afweging van het college wegen de in lid 6 eerder genoemde criteria zwaarder dan later genoemde. 8.. Het college kan besluiten om de behandeling van een subsidieaanvraag aan te houden tot een volgende aanvraagperiode mits het college met in achtneming van de daarvoor geldende termijn voldoende gelegenheid heeft een besluit te nemen voordat de activiteit wordt uitgevoerd.

Rechtspraak bij dit artikel