Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4Aanvraag

Artikel 11.

Aanvraag

Onderdeel van Subsidieverordening allochtonenorganisaties 2002

1.. Tweemaal per jaar - vóór 1 maart en vóór 1 september - dient de organisatie een aanvraag in bij het college van Burgemeester en Wethouders. De aanvraag, die vóór 1 maart moet worden ingediend, betreft het tweede subsidietijdvak in het lopende kalenderjaar. De aanvraag, die vóór 1 september moet worden ingediend, betreft het eerste subsidietijdvak van het volgende kalenderjaar. 2.. Een aanvraag bevat het verslag van de activiteiten van het afgelopen half jaar. Per activiteit blijkt daar in ieder geval uit: het “Formulier A” de aard van de activiteit, welke instelling deze heeft uitgevoerd en de naam van de uitvoerder; het “Formulier B” het postcodegebied van de deelnemers die aan de activiteit hebben deelgenomen. 3.. De aanvraag vóór 1 maart bevat tevens: een formulier waarop het postcodegebied en de geboortedatum per lid staat, van de betalende leden per 1 januari; een inhoudelijk verslag van de jaarlijkse ledenvergadering in het voorgaande jaar; een door de jaarlijkse ledenvergadering vastgesteld financieel verslag van het voorgaande jaar, waarin is opgenomen het aantal leden dat betaald heeft en de hoogte van de geïnde ledencontributie. een presentielijst van de jaarlijkse ledenvergadering in het voorgaande jaar. 4.. De in bezit van de gemeente zijnde gegevens bedoeld onder lid 3 en 4 van dit artikel worden gebruikt om de aanvraag te toetsen en om beleidskeuzes te onderbouwen. Deze gegevens worden uiterlijk drie jaar na afloop van het subsidietijdvak vernietigd. 5.. Alleen voor zover de aanvragen tijdig en volledig zijn ingediend, worden zij in behandeling genomen.

Rechtspraak bij dit artikel