Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7.

Artikel 24.

Beperkingen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Winterswijk 2012

Lid 1. Een individuele Wmo-voorziening wordt pas dan toegekend zodra blijkt dat een aanwezige voorliggende, algemeen gebruikelijke en/of algemene Wmo-voorziening niet of niet voldoende de ondervonden beperkingen compenseert en/of een algemene Wmo-voorziening niet in alle redelijkheid toegankelijk of bruikbaar is voor de belanghebbende. Lid 2. Een voorziening kan slechts worden toegekend voor zover: De noodzaak voor het te bereiken resultaat langdurig is, tenzij kortdurende hulp bij het huishouden leidt tot het te bereiken resultaat. De te verstrekken voorziening als de goedkoopst-compenserende voorziening aan te merken is. Deze in overwegende mate op het individu is gericht. Lid 3. Géén voorziening wordt toegekend: voor zover bij of krachtens enige andere wettelijke regeling aanspraak bestaat op de gevraagde voorziening of op een voorliggende voorziening waarmee kan worden voorzien in een oplossing voor de ondersteuningsvraag; indien de voorziening algemeen gebruikelijk is dan wel voor een persoon als de belanghebbende algemeen gebruikelijk is; indien de belanghebbende niet woonachtig is in de gemeente Winterswijk; indien de belanghebbende zelf een alternatief kan (laten) regelen of geacht wordt dat te doen omdat het tot de eigen verantwoordelijkheid van de belanghebbende behoort om een alternatief voor de beperking te vinden; voor zover de aangevraagde voorzieningen betrekking hebben op een hoger niveau dan het uitrustingsniveau voor sociale woningbouw; voor zover er aan de zijde van de belanghebbende geen sprake is van aantoonbare meerkosten in vergelijking met de situatie voorafgaand aan het optreden van de beperkingen waarvoor de voorziening wordt aangevraagd; voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbendevoorafgaand aan het moment van aanvragen of het moment van beschikken heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of deze voorziening noodzakelijk was en als goedkoopst-compenserend aan te merken valt; indien deze als gevolg van de beperkingen van de belanghebbende voor de belanghebbende zelf of voor derden onveilig is of gezondheidsrisico’s met zich meebrengt; indien een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft al eerder in het kader van enige wettelijke bepaling of regeling is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet verstreken is, tenzij de eerder vergoede of verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de belanghebbende zijn toe te rekenen, of tenzij de belanghebbende geheel of gedeeltelijk tegemoetkomt in de veroorzaakte kosten. Bij het te bereiken resultaat van het normaal gebruik kunnen maken van de woning worden geen individuele voorzieningen getroffen indien: de woonruimte niet bestemd is om het gehele jaar door bewoond te worden; de kosten voor een woonvoorziening het bedrag zoals vastgelegd in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Winterswijk te boven gaan, tenzij weigering van de voorziening zou leiden tot onbillijkheden van overwegende aard; er geen direct oorzakelijk verband is tussen de beperkingen van de belanghebbende en de bouwkundige of woontechnische staat van de woning, waaronder ook de toegankelijkheid van de woning; er een vraag is naar voorzieningen in specifiek op mensen met beperkingen gerichte woongebouwen die bij nieuwbouw of renovatie zonder noemenswaardige meerkosten meegenomen kunnen worden; De noodzaak tot het treffen van een voorziening het gevolg is van een verhuizing waartoe op grond van belemmeringen bij het normale gebruik van de woning ten gevolg van beperkingen geen aanleiding bestond en er geen andere reden aanwezig was; De belanghebbende niet is verhuisd naar de voor zijn of haar beperkingen op dat moment beschikbare meest geschikte woning, tenzij tevoren schriftelijk toestemming is verleend door het college; Het voorzieningen betreft in gemeenschappelijke ruimten anders dan automatische deuropeners, hellingbanen, extra trapleuningen, het verbreden van toegangsdeuren en een opstelplaats voor een rolstoel bij de toegangsdeur van het woongebouw; De noodzaak tot het treffen van een voorziening het gevolg is van achterstallig onderhoud aan de woning; De voorziening slechts strekt ter renovatie of ter aanpassing aan de eisen van de tijd. De belanghebbende verhuisd is vanuit of naar een woonruimte die niet bestemd is het gehele jaar door bewoond te worden; De belanghebbende verhuisd is naar een AWBZ-instelling of een andere instelling gericht op het verstrekken van zorg; In de te verlaten woonruimte geen problemen met het normale gebruik van de woning zijn ondervonden; Blijkt dat de ondervonden aantoonbare beperkingen bij het normale gebruik van de woning voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen of inrichting van interieur.

Rechtspraak bij dit artikel