1.Haven- en liggelden worden niet geheven ter zake van:
vaartuigen, rechtstreeks in gebruik bij de gemeente Nijkerk;
rijkspolitie- en marinevaartuigen, als zodanig gebruikt;
vaartuigen, welke tot het uitbaggeren van de havens worden gebruikt;
hospitaalschepen en reddingsboten;
vaartuigen, die uit het Nijkerkernauw binnenkomen om zich uitsluitend tot het ondergaan van herstellingen naar de werf te begeven en dadelijk na de herstelling weer van de werf naar het Nijkerkernauw vertrekken;
vaartuigen, die ten gevolge van averij, ijsgang of noodweer uit het Nijkerkernauw binnenkomen, mits zij terstond na de opheffing van de belemmering naar het Nijkerkernauw vertrekken;
vaartuigen, die in de haven verblijven en ten gevolge van ijs niet kunnen vertrekken, gedurende de tijd dat vertrek daardoor niet mogelijk is;
boten en sloepen tot een ander vaartuig behorende en daaraan verbonden;
vaartuigen, gelegen in de aan de Zeil- en Motorbootvereniging “De Zuidwal” en aan de Hengelsportvereniging “Hoop Op Geluk” verhuurde jachthavens;
pleziervaartuigen die zich van 10.00 uur tot 16.00 uur in de haven bevinden;
bunkerboten;
sleep- en duwboten die in werking zijn als een bedrijfsvaartuig bij binnenkomst voor één dag.
2.Het kadegeld wordt niet geheven ter zake van goederen:
toebehorende aan de gemeente Nijkerk;
bestemd voor of afkomstig van hospitaalschepen of reddingsboten.
Artikel 4.
Vrijstellingen.
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van haven-, kade- en liggelden 2012