Voor de toepassing van de artikelen 2:1 en 3:1 van de verordening worden de volgende personen niet in aanmerking genomen als een ander die in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft:
Kinderen met studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 en/of een inkomen uit of in verband met arbeid of alimentatie tot een maximum van 10% van het netto minimumloon.
Kinderen met een tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten en/of een inkomen uit of in verband met arbeid of alimentatie tot een maximum van 10% van het netto minimumloon.
Hoofdstuk 3:
Artikel 3:2
- Verlaging norm bij studiefinanciering en tegemoetkoming onderwijsbijdrage
Onderdeel van Verordening toeslagen en verlagingen WWB 2009