Met deze nadere regels wordt de stimulering van het niet-beroepsmatig beoefenen van kunst in organisatieverband beoogd voor activiteiten die resulteren in het jaarlijks openbaar uitvoeren van nieuwe producties van amateurkunst in de volgende secties:
muziekkorpsen;
vocale ensembles;
instrumentale ensembles;
theatergroepen;
muziektheatergroepen;
dansgroepen;
groepen voor beeldende kunst en vormgeving; of
groepen voor audiovisuele kunst.