1. Het college verleent de tegemoetkoming met ingang van de datum waarop
de aanvraag voor de tegemoetkoming door het college in ontvangst is
genomen.
2. Als op de in het eerste lid genoemde datum nog geen kinderopvang
plaatsvindt, wordt de tegemoetkoming verleend met ingang van de datum
waarop de kinderopvang zal plaatsvinden.
3. Het college kan in afwijking van het gestelde in het eerste lid
besluiten de tegemoetkoming toe te kennen vanaf een datum die ligt voor
de datum waarop de aanvraag in ontvangst is genomen, mits de aanvraag
binnen een redelijke termijn na de start van de kinderopvang is
ontvangen.
4. De in het derde lid genoemde redelijke termijn bedraagt ten hoogste
60 kalenderdagen.
HOOFDSTUK 4
Artikel 7
Ingangsdatum van de tegemoetkoming
Onderdeel van Verordening tegemoetkoming kosten kinderopvang Leiderdorp 2012