Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot:
mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens en stacaravans op vaste jaarplaatsen of op vaste seizoenplaatsen, bepaald op 2,5;
mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens en stacaravans op niet-vaste seizoen-, of toeristische plaatsen, bepaald op:
1o 2,4 indien sprake is van een voorseizoenarrangement;
2o 2,4 indien sprake is van een verlengd voorseizoenarrangement;
3o 2,2 indien sprake is van een naseizoenarrangement;
4o 2,1 indien sprake is van een maandarrangement.
Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht, wordt:
in geval van het eerste lid, sub a, bepaald op 55;
in geval van het eerste lid, sub b, bepaald op:
1o 29, indien sprake is van een voorseizoenarrangement;
2o 39, indien sprake is van een verlengd voorseizoenarrangement;
3o 14, indien sprake is van een naseizoenarrangement;
4o 12, indien sprake is van een maandarrangement.
Artikel 6
Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting