Dit hoofdstuk is van toepassing op een zeer beperkte groep
ambtenaren. (Zie artikel 11a:21)
Voor de toepassing van artikel 11a:8 en 11a:9 worden uitkeringen steeds
geacht onverminderd door betrokkene te zijn genoten indien, als gevolg
van handelingen of het nalaten van handelingen door betrokkene, één of
meer werkloosheidsuitkeringen, een Waz-uitkering,
arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, uitkeringen op grond van de Ziektewet
dan wel uitkeringen die naar aard en strekking overeenkomen met
laatstgenoemde uitkeringen, waarop betrokkene recht heeft:
vermindering ondergaan;
blijvend geheel geweigerd worden;
tijdelijk of blijvend gedeeltelijk geweigerd worden; dan
wel;
in uitkeringsduur beperkt worden.