**1..** De maatregel wordt opgelegd met ingang van de maand volgend op de
datum waarop het besluit tot het opleggen van de maatregel aan
belanghebbende bekend is gemaakt. Daarbij wordt uitgegaan van de
voor belanghebbende geldende bijstandsnorm ten tijde van de
gedraging.
**2..** In afwijking van het eerste lid kan de maatregel met terugwerkende
kracht worden opgelegd, voor zover de ingangsdatum daardoor niet
voor de datum van de gesanctioneerde gedraging komt te liggen.
Daarbij wordt uitgegaan van de voor belanghebbende geldende
bijstandsnorm ten tijde van de gedraging.
**3..** Als de verlaging niet kan worden opgelegd omdat de bijstand
inmiddels is beëindigd, wordt de verlaging alsnog gerealiseerd door
middel van herziening van het recht op bijstand over de periode
waarin de verwijtbare gedraging heeft plaatsgevonden, voor zover de
ingangsdatum daardoor niet voor de datum van de gesanctioneerde
gedraging komt te liggen.
**4..** Als de gedraging niet kan worden geëffectueerd met toepassing van
het eerste, tweede of derde lid, vindt realisatie plaats door
verlaging van de bijstand als aan belanghebbende opnieuw binnen 24
maanden recht op bijstand wordt verleend.
**5..** Als de verlaging slechts gedeeltelijk kan worden geëffectueerd,
wordt de verlaging met toepassing van het eerste, tweede of derde
lid gedeeltelijk geëffectueerd. Het restant van de verlaging wordt
niet geëffectueerd.
**6..** In afwijking van het eerste lid kan, voor zover het zelfstandigen
betreft die een uitkering voor levensonderhoud in de vorm van een
geldlening op grond van het besluit hebben ontvangen, de maatregel
met terugwerkende kracht betrokken worden bij de definitieve
vaststelling van die bijstand.
**7..** Een maatregel wordt opgelegd voor de duur van een maand, tenzij in
deze verordening een afwijkende termijn is opgenomen.
Artikel 5
Ingangsdatum en tijdvak
Onderdeel van Maatregelverordening Wet werk en bijstand gemeente Doetinchem 2011