De belasting wordt niet geheven voor het verblijf: 1. door degenen die verblijf houden aan boord van: a. een vaartuig dat is ingericht en wordt gebruikt tot verpleging of verzorging van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of van bejaarden; b. kano’s, roei en volgboten; c. motor- en zeilboten met een lengte van ten hoogste 4 meter; d. een vaartuig dat zich op last of bevel van de overheid in het gemeentelijke watergebied bevindt; e. een vaartuig dat in eigendom toebehoort aan de leden van het Koninklijk Huis; f. een vaartuig in directe dienst van het Rijk, de provincie Limburg of de gemeente Maasgouw; g. een vaartuig van de Koninklijke Marine of oorlogsvaartuigen van vreemde naties; h. een vaartuig dat in eigendom toebehoort aan de Koninklijke Nederlandse Reddingsmaatschappij; i. een vaartuig in gebruik voor onderhoud aan de waterwegen, welk onderhoud in opdracht van het Rijk, de provincie Limburg of de gemeente Maasgouw wordt uitgevoerd; j. een vaartuig dat door één der in de gemeente Maasgouw gevestigde scheepswerven wordt gebouwd of door of vanwege deze werven wordt hersteld. 2. waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van watertoeristenbelasting Maasgouw 2012