Als de noodzaak middels een GGD-keuring is vastgesteld kunnen de meerkosten van stookkosten ten opzichte van vergelijkbare woningen en leefsituaties bij ziekte of gebrek tot een maximum van € 175 per jaar voor vergoeding via de bijzondere bijstand in aanmerking komen.
Bewassing en kledingslijtage
Voor de kosten van bewassing en ten gevolge van slijtage zijn er geen voorliggende voorzieningen. Ter voorkoming van extra bewassing bestaat er op grond van de Regeling hulpmiddelen 1996 wel recht op incontinentie-absorptiemiddelen.
Ten aanzien van de kosten van bewassing en kledingslijtage geldt dat die in beginsel geacht kunnen worden uit een inkomen ter hoogte van de norm te kunnen worden voldaan. Het is mogelijk dat ouderen, zieken of gehandicapten hieraan beduidend hogere kosten hebben dan 'gewone' belanghebbenden. In dat geval kan bijzondere bijstand verleend worden voor de meerkosten. De kosten die de inrichting aan de belanghebbende in rekening brengt zijn ook bijzonder noodzakelijk. Bijzondere bijstand kan zijn aangewezen.
Voor bewoners van verzorgingshuizen geldt dat alle waskosten zijn begrepen in de verzorgingsprijs. Het verzorgingshuis moet voor alle was zorgen zonder de bewoners daarvoor extra te laten betalen.
De noodzaak voor de vergoeding via de bijzondere bijstand van extra bewassingskosten en kosten kledingslijtage dient de GGD vast te stellen middels een keuring. Voor de bepaling van het bedrag dat een ieder in een bepaalde inkomensklasse uitgeeft aan de kosten van kleding kan uitsluiting worden gezicht bij de gegevens van het Nibud.