Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 47

Artikel 47

Onderdeel van Richtlijnen bijzondere bijstand

A. Wij verstrekken geen bijzondere bijstand voor kosten rechtsbijstand als een beroep kan worden gedaan op een voorliggende voorziening (artikel 15 lid 1 WWB). B.  Wij verstrekken in het kader van de gerechtelijke procedure geen bijzondere bijstand voor vertaalkosten en reiskosten van belanghebbende. C.  Wij kunnen bijzondere bijstand verstrekken voor de eigen bijdrage voor een advocaat, het griffierecht, legeskosten ter hoogte van de werkelijk gemaakte kosten verstrekken. D. Bij toekenning van bijzondere bijstand leggen wij de verplichting op om -  indien mogelijk, veroordeling van de tegenpartij in de proceskosten te vragen (niet in civielrechtelijke zaken), -  de gemeente op de hoogte te houden van afloop geding en kostenveroordeling, -  de verstrekte bijzondere bijstand terug te betalen als de kosten waarvoor bijzondere bijstand is verstrekt, vergoed zijn. E. Bij de toekenning van de kosten rechtshulp voor een bezwaarprocedure leggen wij de cliënt de verplichting op tijdig (= per omgaande doch uiterlijk voor de uitspraak van de bezwaarschriftencommissie) een beroep te doen op het Besluit proceskosten bestuursrecht. F. Wanneer blijkt dat de cliënt een vergoeding proceskosten heeft gehad, vorderen wij de verstrekte bijzondere bijstand rechtshulp terug. G. Wij verstrekken de bijzondere bijstand bij tekortschietend  besef van verantwoordelijkheid in de vorm van borgtocht of een geldlening (artikel 48 lid 2 onder b WWB). H. De cliënt dient de betalingsverplichtingen aan de gemeente zondermeer na te komen. In gebreke blijven zal betekenen dat wij de toegekende bijzondere bijstand alsmede eventueel hierdoor ontstane meerkosten (bijv. rente) terug zullen vorderen. Woonkostentoeslag Periodieke woonkosten zijn in beginsel algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan. Deze woonkosten worden in beginsel geacht uit een inkomen ter hoogte van de norm betaald te kunnen worden. Met betrekking tot periodieke woonkosten geldt de huurtoeslag als een voorliggende voorziening. Huurtoeslag kan worden verleend aan belanghebbende tot een bepaald inkomen en voor woningen tot een bepaald huurbedrag. Wanneer belanghebbende niet voor (volledige) huurtoeslag in aanmerking komt, kan hij mogelijk een beroep doen op de woonkostentoeslag. 1 Woonkostentoeslag bij woonkosten boven de huurtoeslag grens Wanneer de huur de maximaal subsidiabele huur te boven gaat bestaat er geen recht op huurtoeslag. In dat geval kan voor de duur van maximaal 1 (een)  jaar woonkostentoeslag worden toegekend. Aan de verlening van bijzondere bijstand is de voorwaarde verbonden dat men aantoonbaar op zoek gaat naar meer bij het inkomen passende woonruimte. 2  Woonkostentoeslag voor jongeren tot 23 jaar Voor jongeren tot 23 jaar met een huur boven de kortingsgrens bestaat er geen recht op huurtoeslag. In dat geval kan in beginsel geen woonkostentoeslag worden toegekend. Alleen wanneer er sprake is van bijzondere individuele omstandigheden wijken wij voor de duur van maximaal 1 (een) jaar van deze regel af. 3  Woonkostentoeslag eigen woning Bewoners van een eigen woning kunnen in aanmerking komen voor woonkostentoeslag.  Er is geen woonkostentoeslag mogelijk als er geen recht op huurtoeslag zou bestaan. 4  Uitsluiting Wanneer een klant woonkostentoeslag aanvraagt en uit onderzoek blijkt dat hij verzuimd heeft (tijdig) huurtoeslag aan te vragen, dan wordt de aanvraag woonkostentoeslag in beginsel afgewezen wegens ongenoegzaam besef van verantwoordelijkheid (CRvB 19-05-1998). Slechts in incidentele en individuele gevallen kan van het vorenstaande afgeweken worden. De toe te kennen bijstand is gelijk aan het verschil tussen de voor belanghebbende maximaal subsidiabele huur en de voor belanghebbende geldende normhuur, onder aftrek van eventueel toegekende huurtoeslag. ​

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel