De regels met betrekking tot het bestrijden van misbruik en oneigenlijk gebruik, bedoeld in artikel 12, eerste lid, onderdeel c, van de wet, luiden als volgt:
De in de Fraudeverordening 2010 gestelde regels, zijn van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 2
Artikel 5.
Het bestrijden van misbruik en oneigenlijk gebruik
Onderdeel van Tijdelijke regels Wet werk en bijstand