Bij het vaststellen van het in artikel 2, lid 1 onder b genoemde vermogen zijn de volgende bepalingen van toepassing:
Het vermogen op de peildatum is bepalend;
Het maximaal vrij te laten bescheiden vermogen is conform het bepaalde in artikel 34 van de Wet werk en bijstand;
Het vermogen wordt op dezelfde manier vastgesteld als gebruikelijk is bij de uitvoering van de Wet werk en bijstand;
Naast het in artikel 2 benoemde vrij te laten bescheiden vermogen wordt een aanvullende vrijlating van het vermogen toegepast van maximaal € 5.000,00 voor personen die 65 jaar of ouder zijn wanneer:
het extra vrijgelaten vermogen is bedoeld als voorziening in de kosten van de uitvaart;
een reguliere uitvaartverzekering voor belanghebbende in alle redelijkheid geen optie is meer is in verband met de leeftijd
Artikel 4.
Vermogen
Onderdeel van Besluit beleidsregels Regiotaxi minima gemeente Rijssen-Holten 2010