Een persoon heeft geen uitzicht op inkomensverbetering als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de wet indien:
hij in het laatste jaar van de referteperiode niet meer dan 3 kalendermaanden inkomsten uit arbeid heeft gehad;
hij op de peildatum geen opleiding volgt als bedoeld in de WTOS, dan wel een studie volgt als genoemd in de WSF 2000.