Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 2

Artikel 21

Handhaving orde; schorsing

Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad

Een spreker mag in zijn betoog in de eerste termijn niet worden gestoord, tenzij de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van dit reglement te herinneren; een lid hem interrumpeert, na toestemming van de voorzitter. De voorzitter kan bepalen dat de spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal afronden. Indien een spreker, zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk en zonder toestemming van de voorzitter interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de betreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen. De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten. De voorzitter kan (conform artikel 26 van de Gemeentewet) toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering verstoren voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering ontzeggen. De voorzitter is bevoegd (conform artikel 26 van de Gemeentewet) de raad voor te stellen aan een lid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na het aannemen van het voorstel verlaat het lid de vergadering onmiddellijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel