Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
vakantie-onderkomens: woningen en andere verblijven, niet zijnde
mobiele kampeeronderkomens, recreatiewoningen, groepsaccommodaties,
niet beroepsmatig verhuurde ruimten of stacaravans, in hoofdzaak
bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere
recreatieve doeleinden;
mobiele kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens, kampeerauto's,
toercaravans en soortgelijke onderkomens dan wel soortgelijke
voertuigen welke bestemd zijn voor dan wel gebezigd worden als
verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden;
niet-beroepsmatig verhuurde ruimten: woningen en andere verblijven,
of gedeelten daarvan, niet zijnde mobiele kampeeronderkomens of
stacaravans, welke niet in hoofdzaak bestemd zijn als verblijf voor
vakantie en andere recreatieve doeleinden, doch wel in bepaalde
perioden van het jaar voor die doeleinden worden verhuurd danwel te
huur aangeboden;
groepsaccommodatie: een kampeerboerderij of een jeugdherberg;
recreatiewoning: permanent aanwezige recreatieve woning op voor
recreatieve doeleinden bestemde terreinen;
boerderijkamer: (deel van) een (voormalig) agrarisch gebouw welke
blijvend is ingericht voor recreatief nachtverblijf, waarbij wordt
overnacht in zelfstandige eenheden, danwel in kamers van beperktere
omvang. Het gaat hier om een logiesaccommodatie die mede tot doel
heeft de agrarische leefomgeving te ervaren;
appartement: zelfstandige eenheid in een gedeelte van een gebouw;
kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan dan wel enig
ander onderkomen of ander voertuig of gewezen voertuig of een
gedeelte daarvan, voorzover geen bouwwerk zijnde waarvoor een
omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel
2.1, eerste lid, onderdeel a, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
is vereist; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen
geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden
of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf;
kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht,
en volgens die inrichting bestemd, om daarop gelegenheid te geven
tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen.
vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat deel uitmaakt
van een kampeerterrein en dat ter beschikking wordt gesteld voor de
plaatsing van eenzelfde kampeermiddel gedurende een seizoen of een
jaar;
slaapplaats: een bed of soortgelijke inrichting in het onderkomen,
de ruimte, of de accommodatie, welke naar de aard bedoeld en
geschikt is om de nachtrust te genieten;
maand: een kalendermaand.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2012