**1..** Het verbod in het eerste lid van het vorige artikel geldt niet voor:
vlaggen, wimpels en vlaggenstokken indien ze geen gevaar of hinder kunnen opleveren voor personen of goederen en niet voor commerciële doeleinden worden gebruikt;
zonneschermen, mits ze zijn aangebracht boven het voor voetgangers bestemde gedeelte van de weg en mits:
geen onderdeel zich minder dan 2,2 meter boven dat gedeelte bevindt; en
geen onderdeel van het scherm, in welke stand dat ook staat, zich op minder
dan 0,5 meter van het voor het rijverkeer bestemde gedeelte van de weg bevindt;
geen onderdeel verder dan 1,5 meter buiten de opgaande gevel reikt;
de voorwerpen of stoffen, die noodzakelijkerwijze kortstondig op de weg gebracht worden in verband met laden of lossen ervan en mits degene die de werkzaamheden verricht of doet verrichten ervoor zorgt, dat onmiddellijk na het beëindigen daarvan, in elk geval voor zonsondergang, de voorwerpen of stoffen van de weg verwijderd zijn en de weg daarvan gereinigd is;
evenementen als bedoeld in artikel 2.24;
standplaatsen als bedoeld in artikel 5:18;
uitstallingen, voor zover deze niet zodanig zijn opgesteld dat zij hinder voor het verkeer kunnen opleveren en mits wordt voldaan aan de door het college te stellen nadere regels met betrekking tot het plaatsen van uitstallingen op de openbare weg;
plantenbakken en gevelbanken, voor zover deze niet zodanig zijn opgesteld dat zij hinder voor het verkeer kunnen opleveren en mits wordt voldaan aan de door het college te stellen nadere regels met betrekking tot het plaatsen van plantenbakken en gevelbanken op de openbare weg;
bouwmaterialen en bouwmaterieel, voor zover deze niet zodanig zijn opgesteld dat zij hinder voor het verkeer kunnen opleveren en mits wordt voldaan aan de door het college te stellen nadere regels met betrekking tot het plaatsen van bouwmaterialen en bouwmaterieel op de openbare weg;
terrassen, voor zover deze niet zodanig zijn opgesteld dat zij hinder voor het verkeer kunnen opleveren en mits wordt voldaan aan de door het college te stellen nadere regels met betrekking tot het plaatsen van een terras op de openbare weg;
**2..** Het verbod in het eerste lid van het vorige artikel geldt tevens niet voor voorwerpen of stoffen waarop gedachten of gevoelens worden geopenbaard.
Het verbod in het eerste lid geldt niet zover in het daarin geregelde onderwerp voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken of het Provinciaal wegenreglement;
De weigeringsgrond van het tweede lid van het vorige artikel, onder a, geldt niet zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet;
De weigeringsgrond van het tweede lid van het vorige artikel, onder b, geldt niet voor bouwwerken;
De weigeringsgrond van het tweede lid van het vorige artikel, onder c, geldt niet zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet milieubeheer.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 5
Artikel 2.10
B Afbakeningsbepalingen en uitzonderingen
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2012