Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › Paragraaf 2. › Subparagraaf B.

Artikel 20a

Inspreken

Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad

1.. Personen die het woord willen richten tot de raad melden zich voor aanvang van de vergadering bij de griffier. Zij geven hierbij hun naam en adresgegevens, het onderwerp waarover zij willen inspreken en hun hoedanigheid. 2.. Het inspreken geschiedt voorafgaand aan de behandeling van het betreffende agendapunt. Wanneer ingesproken wordt over een onderwerp dat niet op de agenda staat, dan gebeurt dit vóór de behandeling van de inhoudelijke agenda. De maximale spreektijd per inspreker is vijf minuten, de voorzitter mag richting een inspreker een andere spreektijd aangeven. 3.. De raad kan vragen stellen aan de inspreker. Na afloop van de spreektijd vraagt of geeft de voorzitter aan, hoe om wordt gegaan met de bijdrage(n). 4.. Er wordt niet ingesproken over: een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep bij de rechter openstaat, of heeft opengestaan; benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; een klacht die ex artikel 9:1 van de Awb kan of kon worden ingediend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel