Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 14

Verantwoording subsidies vanaf € 5.000

Onderdeel van Verordening tot eerste wijziging van de Algemene subsidieverordening Kaag en Braassem 2012

1. Bij een subsidieverlening vanaf € 5.000, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het college: a. bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken nadat de activiteiten zijn verricht of binnen vier maanden na het subsidietijdvak waarvoor de subsidie is verleend; b. bij een jaarlijkse subsidie, uiterlijk vóór 1 mei in het jaar na het kalenderjaar waarin de gesubsidieerde activiteit plaats vond of binnen vier maanden na het subsidietijdvak waarvoor de subsidie is verleend. 2. De aanvraag tot vaststelling bevat: a. een inhoudelijk verslag waaruit blijkt dat de activiteiten, waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht; b. het activiteitenverslag bevat een vergelijking tussen de nagestreefde en de gerealiseerde doelstellingen en een toelichting op de verschillen indien de subsidie meer dan € 50.000 bedraagt; c. een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening); d. een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop; e. een accountantsverklaring, indien de subsidie meer dan € 50.000 bedraagt. 3. Het college kan bepalen dat andere gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van belang zijn, worden overgelegd. Dit wordt opgenomen in de beschikking waarin subsidie wordt verleend.

Rechtspraak bij dit artikel