Het recht bedoeld in artikel 12, lid 1, is verschuldigd bij het
begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang
van de belastingplicht.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
aanvangt, is het recht verschuldigd voor zoveel twaalfde
gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde recht als er in
dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog
kalendermaanden overblijven, waarbij:
de lopende kalendermaand ten volle wordt meegerekend,
indien de belastingplicht is aangevangen voor de
zestiende van die maand;
de lopende kalendermaand ten volle buiten beschouwing
blijft, indien de belastingplicht is aangevangen na de
vijftiende van die maand.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
eindigt, is het recht verschuldigd over zoveel twaalfde
gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde recht als er in
dat jaar, voor het einde van de belastingplicht, kalendermaanden
zijn verstreken, waarbij:
de lopende kalendermaand ten volle wordt meegerekend,
indien de belastingplicht is beëindigd na de vijftiende
van die maand;
de lopende kalendermaand ten volle buiten beschouwing
blijft, indien de belastingplicht is beëindigd voor de
zestiende van die maand.
Vervallen.
Hoofdstuk III
Artikel 15
Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening reinigingsheffingen 2012