Aanbodsysteem: het selecteren van een kandidaat uit de ingekomen
reacties van woningzoekenden op een in een advertentiemedium ter
toewijzing aangeboden woonruimte.
Advertentiemedium: een uitgave per gemeente dan wel een groep
van gemeenten waarin ter toewijzing beschikbare woonruimten in
de regio worden aangeboden.
Aftoppingsgrens: de grens als bedoeld in artikel 20, sub 2 van
de Wet op de Huurtoeslag.
Bemiddeling: het selecteren van een kandidaat voor ter verdeling
beschikbare woonruimte op grond van diens
inschrijvingsgegevens.
Bereidverklaring: schriftelijke verklaring van de eigenaar, dat
hij bereid is woonruimte aan de aanvrager van de
huisvestingsvergunning in gebruik te geven.
Besluit: het Huisvestingsbesluit.
Burgemeester en wethouders: het college van burgemeester en
wethouders van de gemeente.
Convenant: een tussen burgemeester en wethouders en (een)
woningcorporatie(s) te sluiten overeenkomst over het in gebruik
geven van woonruimte.
Datum van eerste bewoning: de datum vanaf wanneer een
woningzoekende de huidige woonruimte onafgebroken en zelfstandig
bewoont. Dit dient te blijken uit een uittreksel van de
gemeentelijke basisadministratie.
Doorstromer: een woningzoekende die als hoofdhuurder
daadwerkelijk en rechtmatig in de regio een zelfstandige
huurwoning bewoont en na verhuizing leeg achterlaat. De
maandhuur mag bij inschrijving niet meer bedragen dan de
maximale huurprijsgrens als bedoeld in lid 17 van artikel
1.1.
Echte dienstwoning: een woning die noodzakelijkerwijs gebruikt
wordt met het oog op de arbeidsovereenkomst.
Economische binding: de binding van een persoon aan de
provincie, daarin gelegen dat die persoon, met het oog op de
voorziening in het bestaan, een redelijk belang heeft zich in de
provincie te vestigen, met dien verstande dat een economische
binding in elk geval wordt aangenomen ten aanzien van die
personen die voor de voorziening in het bestaan zijn aangewezen
op het duurzaam verrichten van arbeid binnen of vanuit een van
de gemeenten uit de provincie.
Eigenaar: degene die bevoegd is tot het in gebruik geven van een
woonruimte of een gebouw.
Huishouden: een alleenstaande, of twee of meer personen die een
duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren of willen gaan
voeren.
Huisvestingsvergunning: een vergunning als bedoeld in artikel 7,
eerste lid van de Huisvestingswet.
Huurprijs: de prijs die bij huur en verhuur is verschuldigd voor
het enkele gebruik van een woonruimte, uitgedrukt in een bedrag
per maand, dan wel, indien het betreft een woonwagenstandplaats
waarvoor een belastingverordening van toepassing is, het bedrag
dat is verschuldigd voor het innemen van die standplaats,
uitgedrukt in een bedrag per maand.
Huurprijsgrens: het bedrag dat wordt genoemd in artikel 13,
eerste lid onder a, van de Wet op de Huurtoeslag.
Ingezetene: degene die in de gemeentelijke basisadministratie
(GBA) van één van de gemeenten in de regiois opgenomen
en daar tenminste één jaar feitelijk hoofdverblijf heeft in een
woonruimte, die volgens het bestemmingsplan is aangewezen of
bestemd voor permanente bewoning.
Inkomen: het rekeninkomen zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet
op de Huurtoeslag.
Inwoning: het bewonen van een woonruimte welke deel uitmaakt van
een woonruimte die door een ander huishouden in gebruik is
genomen.
Kamer: elke afzonderlijke ruimte in een woning geschikt voor
woon- en slaapruimte met een oppervlakte van tenminste 5
m2.
Koopprijs: de prijs die voor de enkele koop van een woonruimte
daadwerkelijk is of zal worden betaald.
Koopprijsgrens: Het meest recente bedrag dat Gedeputeerde Staten
van de provincie Utrecht heeft vastgesteld voor woningen
waarvoor een huisvestingsvergunning is vereist (€ 181.512,-
prijspeil 1 juli 2006).
Koopwoning: een woonruimte die bestemd is voor de verkoop en die
niet eerder werd bewoond, of laatstelijk door de
rechtsvoorganger van de koper als eigenaar is bewoond.
Lokaal Maatwerk: een overeenkomst die in de plaats kan treden
van het geheel of delen van deze verordening indien aan de in
artikel 2.8.1. lid twee, vermelde voorwaarden wordt
voldaan.
Maatschappelijke binding: de binding van een persoon aan de
provincie, daarin gelegen dat die persoon een redelijk met de
plaatselijke samenleving verband houdend belang heeft zich in
dit gebied te vestigen, met dien verstande dat een
maatschappelijke binding in elk geval wordt aangenomen ten
aanzien van:
personen die tenminste drie jaar onafgebroken
ingezetenen zijn in een of meer van de gemeenten in de
provincie, dan wel gedurende de voorgaande tien jaar ten
minste zes jaar onafgebroken ingezetenen zijn geweest
van een of meer van de gemeenten in de provincie;
personen die een dagopleiding volgen gedurende tenminste
negentien uur per week aan een in de provincie
gevestigde en erkende instelling voor dagonderwijs.
Onttrekkingsvergunning: een vergunning als bedoeld in artikel 30
van de Huisvestingswet.
Overige woningzoekenden: alle woningzoekenden die niet als
doorstromer kunnen worden aangemerkt.
Provincie: de provincie Utrecht.
Regio: de gemeenten,
Abcoude, Breukelen, Loenen, Lopik, Montfoort, Oudewater, De
Ronde Venen, Woerden, De Bilt, Bunnik, Houten, IJsselstein,
Maarssen, Nieuwegein, Utrecht, Vianen, Amerongen, Utrechtse
Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Zeist.
Rekenhuur: de rekenhuur zoals is bedoeld in artikel 5 van de Wet
op de Huurtoeslag.
Standplaats: een standplaats zoals benoemd in artikel 1, eerste
lid, onder e, van de Huisvestingswet.
Starter: een woningzoekende die op de dag dat een
koopwoningaanbod wordt gepubliceerd geen zelfstandige woonruimte
bewoont die hij of zij achterlaat voor verkoop of verhuur.
Splitsingsvergunning: een vergunning als bedoeld in artikel 33
van de Huisvestingswet.
Urgentieverklaring: verklaring op grond waarvan een
woningzoekende met een ernstig huisvestingsprobleem met voorrang
in aanmerking kan komen voor de toewijzing van woonruimte.
Toewijzingssysteem: het selecteren van een kandidaat voor ter
verdeling beschikbare woonruimte via een aanbodsysteem of via
bemiddeling.
Vluchtelingen en statushouders: woningzoekenden die op grond van
de Vreemdelingenwet als vluchteling zijn toegelaten, dan wel om
klemmende in de persoon gelegen redenen, verband houdende met
omstandigheden in hun land van herkomst, in het bezit zijn
gesteld van een Verblijfsvergunning.
Wet: de Huisvestingswet.
Woningruil: het door twee of meer huishoudens wederkerig in
gebruik nemen van elkaars zelfstandige woonruimte met het
oogmerk van daadwerkelijke permanente bewoning.
Woningtypen:
seniorenwoningen: woningen die specifiek geschikt zijn
voor personen van 55 jaar en ouder:
seniorenwoningen met zorgvoorzieningen
(aanleunwoningen/beschutte woningen): zelfstandige
seniorenwoningen waarbij gebruik gemaakt wordt van
faciliteiten van zorgverlenende instellingen;
gehandicaptenwoningen: ingrijpend aangepaste woningen
die naar hun aard bestemd zijn voor bewoning door een
gehandicapte;
jongerenwoningen: woningen voor alleenstaanden en
tweepersoonshuishoudens met name bedoeld voor de
leeftijdscategorie van 18 tot 30 jaar;
wisselwoningen: woningen die ten behoeve van tijdelijke
bewoning worden aangeboden voor personen die door
ingrijpende verbetering of sloop/nieuwbouw de huidige
woning moeten verlaten, maar na voltooiing van de werken
kunnen terugkeren;
plankwoningen: woningen die op de nominatie staan
ingrijpend te worden verbeterd dan wel te worden
gesloopt en voor tijdelijke huisvesting in gebruik
kunnen worden gegeven;
eengezinswoning;
flat - parterre;
flatwoning vanaf 1e verdieping (met/zonder lift);
bovenwoning;
benedenwoning;
maisonnette.
Woningzoekende: degene die in het register als bedoeld in
artikel 2.4.1 is ingeschreven.
Woonruimte: besloten ruimte die, al dan niet tezamen met een of
meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door
een huishouden; onder het begrip woonruimte wordt mede begrepen
een standplaats voor een woonwagen.
Woonwagen: zoals benoemd in artikel 1, eerste lid, onder f van
de Huisvestingswet.
Zelfstandige woonruimte: woonruimte met een eigen toegang, die
door een huishouden kan worden bewoond zonder dat het huishouden
daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die
woonruimte.
Zoekprofiel: een beschrijving van de woningtypen waarvoor een
urgent woningzoekende met voorrang in aanmerking kan komen.