In deze verordening wordt verstaan onder:
a.de wet: de Algemene wet bestuursrecht;
b. de raad: de gemeenteraad van Sliedrecht;
c. burgemeester en wethouders: het college van burgemeester en wethouders van
Sliedrecht;
d. Algemene Subsidieverordening: het wettelijk voorschrift als bedoeld in artikel 4:23,
eerste lid, van de wet;
e.subsidie: subsidie als bedoeld in artikel 4:21 van de wet;
f. boekjaar: het kalenderjaar;
g. subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is
voor de verstrekking van subsidies;
h. programma: een jaarlijks door burgemeester en wethouders vast te stellen staat, met een
overzicht van hun besluiten tot subsidieverlening over één of meer boekjaren en van de
afgewezen subsidieaanvragen voor het desbetreffende jaar;
i. activiteit: de prestatie op basis waarvan subsidie wordt ontvangen of kan worden
ontvangen;
j. activiteitenplan: een overzicht van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd en de
daarmee nagestreefde doelstellingen met vermelding per activiteit van de daarvoor
benodigde personele en materiële middelen;
k. activiteitenverslag: een door de subsidieontvanger in te dienen verslag, dat de aard en
omvang van de activiteiten waarvoor subsidie werd verleend, de in verband daarmee
gemaakte kosten en ontvangen inkomsten beschrijft en een verklaring voor de (eventueel)
niet gerealiseerde activiteiten bevat;
l. beleidsregel: een bij besluit vastgestelde algemene regel als bedoeld in artikel 1:3, vierde
lid, van de wet;
m. deelverordening: een verordening waarin voor afzonderlijke subsidieterreinen bijzondere
bepalingen worden vastgelegd, die in rangorde boven de algemene bepalingen gaan;
n. activiteitsubsidie: een incidentele subsidie voor de uitvoering van een eenmalige activiteit,
die wordt verleend binnen vooraf vastgestelde beleidskaders en criteria;
o. budgetsubsidie: een voor één of meer boekjaren verleende subsidie, waarbij meetbare
activiteiten of prestaties worden gekoppeld aan de te verlenen subsidie, waarbij de
subsidieontvanger, met in achtneming van het bepaalde in deze verordening, vrij is in de
wijze waarop de subsidie wordt aangewend;
p. waarderingssubsidie: een voor één of meer boekjaren of incidenteel verleende subsidie,
die waardering uit voor het louter bestaan van de subsidieontvanger in relatie met één van
zijn activiteiten, waarbij in beginsel geen verband bestaat tussen de kosten die de
aanvrager voor een activiteit maakt en de hoogte van de subsidie die hij ter stimulering
ontvangt;
q. investeringssubsidie: een incidentele subsidie die wordt verstrekt ten behoeve van de
aanschaf of (ver)bouw van accommodaties;
r. exploitatiesubsidie: een voor één of meer boekjaren verleende subsidie, die wordt
verstrekt op basis van het exploitatietekort van een organisatie om activiteiten tot stand te
brengen dan wel in stand te houden, nadat gebleken is dat ondersteuning van de
organisatie middels activiteitsubsidie of budgetsubsidie niet mogelijk of wenselijk is;
s. accommodatie: ruimtelijke voorziening voor het uitoefenen van activiteiten;
t. organisatie: een rechtspersoon naar burgerlijk recht, die zich zonder winstoogmerk
activiteiten ten doel stelt of mede ten doel stelt ter behartiging van belangen van ideële of
materiële aard, of een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid die is ingeschreven in
het verenigingsregister;
u. contributie: een geldelijke bijdrage van de gemeente aan een organisatie teneinde bij die
organisatie aangesloten te kunnen zijn ter verkrijging van een tegenprestatie;
v. donatie: een geldelijke bijdrage van de gemeente aan een organisatie, welke bijdrage een
eenzijdig karakter heeft, voor welke de organisatie geen directe tegenprestatie behoeft te
leveren en waaraan geen voorwaarden worden verbonden.