De vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd:
indien ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens
zijn verstrekt;
indien op grond van een verandering van de omstandigheden of
inzichten opgetreden
na het verlenen van de ontheffing of vergunning, intrekking of wijziging
noodzakelijk
is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de
vergunning of
ontheffing is vereist;
c.indien de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en
beperkingen
niet zijn of worden nagekomen;
d.indien van de vergunning of ontheffing geen gebruik wordt gemaakt
binnen een daarin
gestelde termijn dan wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn,
binnen een
redelijke termijn;
e.indien de houder dit verzoekt.
12
HOOFDSTUK 1
Artikel 1:6
Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2011 versie 2