1. In deze verordening wordt verstaan onder:
a.wet:
Wet werk en bijstand;
b.gezinsnorm:
de norm, bedoeld in artikel 21 eerste lid van de
wet;
c.woning:
een woning als bedoeld in artikel 1, onderdeel j,
Wet op de huurtoeslag, alsmede een woonwagen of
woonschip als bedoeld in artikel 3, zesde lid, Wet
werk en bijstand;
d.woonkosten:
1. indien een huurwoning wordt bewoond, de per maand
geldende huurprijs, bedoeld in artikel 1, onderdeel
d, Wet op de huurtoeslag;
2. indien een eigen woning wordt bewoond, de tot een
bedrag per maand omgerekende som van de ten behoeve
van de financiering van de woning verschuldigde
hypotheekrente, de in verband met het in eigendom
hebben van de woning te betalen zakelijke lasten
(het rioolrecht, het eigenaarsdeel van de onroerende
zaakbelasting, de opstalverzekering, het
eigenaarsdeel van de waterschapslasten en de
erfpachtcanon), en een naar omstandigheden vast te
stellen bedrag voor onderhoud;
e.zorgbehoefte
de zorgbehoefte bedoeld in artikel 3, tweede lid van
de wet.
2. De begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet
nader zijn omschreven hebben dezelfde betekenis als in de wet en de
Algemene wet bestuursrecht.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1
- Begrippen
Onderdeel van Toeslagenverordening Wet werk en bijstand gemeente Schiedam 2012