1.Terrasmeubilair is toegestaan mits:
a het niet (nagel)vast aan de grond wordt bevestigd;
b derden geen hinder van het meubilair ondervinden;
c het meubilair geen belemmering vormt voor het schoonmaken en –houden van de openbare ruimte;
d het geplaatst wordt binnen de toegestane grenzen van het betreffende terras en het de grenzen daarvan niet overschrijdt;
e Het terras meubilair moet buiten openingstijden verwijderd zijn;
f een bouwvergunning is verleend wanneer daarvoor vergunningplicht bestaat.
Voor windschermen geldt daarnaast dat:
a deze uitsluitend aan de zijkanten van een gevelterras mogen worden geplaatst, met inachtneming van de volgende bepalingen:
I de lengte van een windscherm mag niet meer bedragen dan 1,40 m;
II de hoogte van een windscherm mag maximaal 1,50 m zijn.
b deze tot een hoogte van maximaal 1 meter, gerekend vanaf de grond, gemaakt mag zijn van (on)doorzichtig materiaal; daarboven moet het windscherm van doorzichtig materiaal gemaakt zijn.
c een bouwvergunning is verleend wanneer daarvoor vergunningplicht bestaat.
Voor parasols geldt daarnaast dat:
a deze gemaakt zijn van tentdoek of vergelijkbaar materiaal;
b de onderkant van het doek minimaal 2,10 meter boven de grond hangt;
c de parasol niet groter is dan het terras, met een maximale zijdelingse maat van 4 meter;
d de reclame op de parasol van ondergeschikte aard is.
Bloembakken op de terrassen zijn toegestaan, mits deze na sluitingstijd worden verwijderd.
Het plaatsen van (tijdelijke) overkappingen, party tenten of soortgelijke constructies, is niet toegestaan.
Artikel 6
Terrasmeubilair
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit artikel 2:28a, tweede lid Algemene Plaatselijke Verordening