Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegde bestuursorgaan een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg als de activiteiten zijn verboden bij een bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit.
De omgevingsvergunning kan worden geweigerd:
indien daardoor het verkeer op de weg in gevaar wordt gebracht;
indien dat ten koste gaat van een openbare parkeerplaats;
indien het openbaar groen daardoor op onaanvaardbare wijze wordt aangetast;
indien niet wordt voldaan aan de eisen van het Handboek Openbare Ruimte.
Het verbod is niet van toepassing voor zover in opdracht van een bestuursorgaan of openbaar lichaam werkzaamheden worden verricht.
Het verbod geldt voorts niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de provinciale wegenverordening, de waterschapskeur, de Telecommunicatiewet of de daarop gebaseerde telecommunicatieverordening.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 2:6
Omgevingsvergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Zoetermeer