In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten
de marktgelden als volgt betaald worden:
Indien het marktgeld bij wege van aanslag geheven wordt, dient de
aanslag te worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de
eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand
die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede
twee maanden later.
In afwijking van het eerste lid geldt, ingeval het totaal bedrag van
de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen meer is dan € 100,-- en
zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische
betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten
worden betaald in vijf gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt
op de laatste dag van de maand volgend op die welke in de
dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende
termijnen telkens een maand later.
Indien het marktgeld bij wege van schriftelijke kennisgeving geheven
wordt, dient het marktgeld op het moment van uitreiking van de
kennisgeving te worden betaald.
Artikel 8
– Termijn van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van marktgeld 2012