Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.3

Artikel 2.3.7

Wijziging, intrekking, vervallen voorrangsverklaring

Onderdeel van VERORDENING houdende regels betreffende de verdeling en het gebruik van woonruimte

1.. Bij gewijzigde omstandigheden kunnen burgemeester en wethouders, al dan niet op verzoek van de woningzoekende, besluiten de inhoud van een voorrangsverklaring te wijzigen. De woningzoekende ontvangt in dat geval een nieuwe voorrangsverklaring onder intrekking van de eerder afgegeven verklaring. 2.. Burgemeester en wethouders kunnen een voorrangsverklaring intrekken, indien: aan de vereisten voor het verkrijgen van een voorrangsverklaring niet meer wordt voldaan; de voorrangsverklaring is afgegeven op grond van gegevens waarvan de woningzoekende wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren. 3.. De voorrangsverklaring vervalt van rechtswege: na het verstrijken van de termijn genoemd in artikel 2.3.4, onder c; indien de woningzoekende een hem aangeboden woning die past binnen het in artikel 2.3.4, onder b genoemde huisvestingsprofiel heeft geweigerd. 4.. Burgemeester en wethouders kunnen besluiten tot verlenging van de in artikel 2.3.4, onder c genoemde termijn, indien daar naar hun oordeel gegronde redenen voor zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel