Eerste lid:
Bij het niet nakomen van de inlichtingenplicht wordt een aantal vormen onderscheiden:
het niet tijdig verstrekken van inlichtingen aan de gemeente. In deze situatie is artikel 54 WWB of artikel 20 IOAW/IOAZ van toepassing. Het college kan in dat geval het recht op uitkering opschorten en belanghebbende in de gelegenheid stellen binnen een door hem te stellen termijn het verzuim te herstellen;
het verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen aan de gemeente, waardoor er ten onrechte een uitkering is verstrekt of een te hoog bedrag aan uitkering is verstrekt. In deze situatie heeft de belanghebbende niet voldaan aan de inlichtingenplicht van artikel 17 WWB of artikel 13 IOAW/IOAZ. Het opzettelijk verzwijgen van relevante informatie tegenover de gemeente, met het oogmerk een (hogere) uitkering te krijgen (fraude) vormt een schending van de informatieplicht van artikel 17 WWB of artikel 13 IOAW/IOAZ;
Het niet melden van een vakantie, niet opkomen opdagen bij gemaakte afspraken, zonder af te zeggen.
Het kan ook voorkomen dat bepaalde gevraagde gegevens niet aan de gemeente worden verstrekt. In dat geval kan het college de rechtmatigheid van de uitkering niet vaststellen. De uitkering wordt dan buiten behandeling gesteld op grond van artikel 4:5 Awb (in de situatie dat een uitkering wordt aangevraagd) of het besluit tot toekenning van de uitkering wordt ingetrokken (bij een lopende uitkering). Het afstemmen van de uitkering is dus bij het niet verstrekken van gegevens die noodzakelijk zijn voor het vaststellen van de rechtmatigheid van de uitkering niet aan de orde.
Tweede lid:
In het tweede lid wordt geregeld dat als de gedraging niet leidt tot een benadelingsbedrag, er een afstemming plaatsvindt door middel van een vast bedrag. Bij het te laat inleveren van stukken zal altijd een termijn worden gesteld waarbinnen de belanghebbende zijn verzuim kan herstellen (de hersteltermijn). Wordt de gevraagde informatie niet binnen de gestelde termijn aan de gemeente verstrekt, dan kan het college de uitkering stopzetten (het intrekken van het besluit tot toekenning van de uitkering). Worden de gevraagde gegevens wél binnen de hersteltermijn verstrekt, wordt de uitkering voortgezet, maar wordt tevens de uitkering afgestemd door middel van een vast bedrag.
De afstemming wegens het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht bedoeld in artikel 17 van de WWB en artikel 13 IOAW/IOAZ wordt afhankelijk gesteld van de hoogte van het bedrag aan uitkering dat als gevolg van de schending van die verplichting ten onrechte of te veel aan de belanghebbende is betaald. Hierbij wordt een groter benadelingbedrag zwaarder aangerekend dan een laag benadelingsbedrag. Bij een benadelingbedrag vanaf de € 10.000,- (zie Aanwijzing sociale zekerheidsfraude) vindt strafrechtelijke vervolging plaats via de sociale recherche. Mocht dit niet tot vervolging leiden, dan wordt alsnog afgestemd op basis het gestelde in het tweede lid.
Derde lid:
Indien het niet of niet voldoende nakomen van de inlichtingenverplichting niet heeft geleid tot een benadelingbedrag kan toch een afstemming plaats vinden door het verlagen van de bijstandsnorm van € 50,-.
Vierde lid:
Indien binnen één jaar na een eerste verwijtbare gedraging sprake is van een herhaling van de verwijtbare gedraging, wordt de grotere mate van verwijtbaarheid tot uitdrukking gebracht in een verdubbeling van de periode van de afstemming. Met een eerste verwijtbare gedraging wordt de eerste gedraging verstaan die aanleiding is geweest tot een afstemming, ook indien de afstemming wegens dringende redenen niet is geëffectueerd en ook afstemming wegens het niet nakomen van de arbeidsplicht of tekortschietend besef van verantwoordelijkheid. Voor het bepalen van de aanvang van de termijn van 12 maanden geldt het tijdstip waarop het besluit waarin de afstemming is aangekondigd, bekend is gemaakt. Vindt binnen 12 maanden na het opleggen van de recidiveafstemming opnieuw een verwijtbare gedraging plaats, dan vindt afstemming plaats door de periode te verdrievoudigen. Op basis van deze bepaling kan een recidiveafstemming slechts twee keer worden toegepast. Indien belanghebbende na een derde verwijtbare gedraging wederom verwijtbaar gedrag vertoont, zal de hoogte en de duur van de afstemming individueel worden vastgesteld, waarbij gekeken wordt naar de ernst van de gedraging, de mate van verwijtbaarheid en de individuele omstandigheden van de belanghebbende.
Bbz
Het gaat om uitbreiding van het begrip inlichtingen- en medewerkingsplicht, de verplichting, opgenomen in artikel 38, tweede lid van het Bbz:
De zelfstandige aan wie bijstand wordt verleend is verplicht naar behoren een administratie te voeren en deze op eigen initiatief binnen 6 maanden na afloop van het boekjaar waarin bijstand is verleend, aan het college te overleggen. Die plicht geldt ook als de gemeente om de administratie vraagt, bijvoorbeeld om de bedrijfsontwikkeling te beoordelen in het geval verlenging van de uitkeringstermijn aan de orde is.
Ten aanzien van het niet leveren van de administratie (jaarcijfers) voor de definitieve vaststelling van de verleende uitkering over het betreffende boekjaar, geldt op grond van artikel 45, eerste lid Bbz dat het college de bijstand van de zelfstandige terugvordert voor zover de bijstand ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend als gevolg van het niet nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 38, tweede lid. In artikel 47 Bbz is opgenomen dat het college kosten van bijstand in de vorm van een geldlening terugvordert, indien de zelfstandige de uit de geldlening voortvloeiende verplichtingen niet of niet behoorlijk nakomt. Het college is onder toepassing van beide artikelen gehouden de geldlening over het betreffende boekjaar geheel van de zelfstandige terug te vorderen, in het geval de hier bedoelde verplichting niet wordt nagekomen. Het leveren van de jaarcijfers is ook nodig voor vaststelling van het bedrag om niet of de rentereductie, bedoeld in artikel 21 Bbz (bedrijfskapitaal aan gevestigde zelfstandigen). Als de zelfstandige hiervoor geen jaarcijfers overlegt, kent de gemeente geen bedrag om niet of rentereductie toe. Er is dan ook geen aanleiding voor een afstemming, nog daargelaten dat een afstemming niet op een al verstrekte geldlening kan worden geëffectueerd.
Artikel 7
Niet of niet behoorlijk nakomen van een inlichtingenverplichting
Onderdeel van Handhavings- en afstemmingsverordening wet werk en bijstand gemeente Amstelveen