Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 6

Interne besluitvorming en informeren initiatiefnemer

Onderdeel van Beleidsregels rijksbudget bewonersinitiatieven Krachtwijken

1.. Bij de besluitvorming over ondersteuning worden de navolgende procedureregels worden gehanteerd. Wanneer de gemeentelijke ondersteuning EUR 20.000,00 of minder bedraagt, verzoekt de wijkmanager, na beoordeling van het initiatief (aanvraag), aan de stedelijk programmamanager krachtwijken om beschikbaarstelling van de financiële middelen (via een intern ordernummer). Wanneer de gemeentelijke ondersteuning meer dan EUR 20.000,00 en minder dan EUR 50.000,00 bedraagt, legt de wijkmanager via de stedelijk programmamanager krachtwijken een voorstel ter interne besluitvorming voor aan de wethouder krachtwijken en aan de wijkwethouder. De wethouders beslissen binnen vier weken. Zij kunnen deze termijn éénmaal met vier weken verlengen. Wanneer de gemeentelijke ondersteuning meer dan EUR 50.000,00 bedraagt dan legt de wijkmanager via de stedelijk programmamanager krachtwijken een voorstel ter besluitvorming voor aan het college van burgemeester en wethouders. De verstrekking van de financiële bijdragen aan de aanvrager vindt plaats overeenkomstig de daartoe wettelijk vereiste vorm en wijze. 2.. a. De wijkmanager informeert de initiatiefnemer binnen vier weken over de interne besluitvorming. Indien de ondersteuning in de vorm van een subsidie wordt verleend, stelt de wijkmanager in overeenstemming met de hiervoor onder eerste lid onder a t/m c aangegeven procedure binnen voornoemde termijn gelijktijdig de initiatiefnemer van de verlening in kennis door toezending van de subsidiebeschikking. Deze termijn kan met éénmaal vier weken worden verlengd. Als de gemeente een initiatief niet ondersteunt, stelt de wijkmanager binnen vier weken de aanvrager hiervan schriftelijk in kennis. Indien de ondersteuning in de vorm van een subsidiebeschikking wordt verleend, wordt het besluit genomen met in achtneming van het bepaalde in de Algemene subsidieverordening 2008.

Rechtspraak bij dit artikel