1 De rechten waarop artikel 4 van toepassing is, zijn verschuldigd
bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de
aanvang van de belastingplicht.
2 Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
aanvangt, zijn de rechten, in zoverre in afwijking van artikel 3.2
verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar
verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de
belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
3 Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde
gedeelten van de voor de dat jaar verschuldigde rechten als er in
dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle
kalendermaanden overblijven.
Artikel 5
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van brandweerrechten