Het recht, bedoeld in hoofdstuk II van de tarieventabel, is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt is het recht verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde recht als in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde recht als in dat jaar, aan het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
overblijven.
Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist.
Hoofdstuk III
Artikel 16
Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang voor het jaarlijks verschuldigd recht
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrecht