Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3

Vrijstellingen

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van hondenbelasting 2012

De belasting wordt niet geheven voor honden: die gehouden worden als hulp voor visueel en/of lichamelijk gehandicapte personen, voor zover met succes opgeleid door een erkend of daarmee gelijk te stellen instituut; die verblijven in een hondenasiel als bedoeld in artikel 1, onder c, van het Honden- en kattenbesluit 1999, welk asiel is opgenomen in het centraal register bedoeld in artikel 5, tweede lid, van genoemd besluit; die uitsluitend ten verkoop of aflevering in voorraad worden gehouden in een bedrijfsinrichting als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van het honden- en kattenbesluit 1999, welke inrichting is opgenomen in het centraal register als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van genoemd besluit; die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij tezamen met de moederhond worden gehouden; door ambtenaren van overheidsinstellingen gehouden ter verrichting van opsporingsdiensten; die genoemd worden in de Regeling politiehonden van 4 april 2006, paragraaf 1 artikel 1 lid C, H en I.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel