In deze verordening en de daarop gebaseerde regelgeving wordt verstaan onder:
Wet: Wet maatschappelijke ondersteuning.
College: College van burgemeester en wethouders
Compensatieplicht: de plicht van het college op basis van artikel 4 van de wet om aan een persoon met een beperking, een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem van iemand met een beperking, voorzieningen te bieden ter compensatie van zijn beperkingen op het gebied van zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie teneinde hem in staat te stellen een huishouden te voeren, zich te verplaatsen in en om de woning, zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel en medemensen te ontmoeten en op basis daarvan sociale verbanden aan te gaan. Compensatie aan een persoon met een beperking, een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem van iemand met een beperking kan ook gericht zijn op de ontlasting van de mantelzorger
Aanmelding: de kennisgeving aan het college dat een persoon beperkingen ondervindt op grond waarvan wordt verzocht om een gesprek.
Gesprek: een contact na een aanmelding waarin met degene die maatschappelijke ondersteuning zoekt zijn gehele situatie wordt geïnventariseerd ten aanzien van de beperkingen en gevolgen daarvan voor zijn zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie, de te bereiken resultaten, de te kiezen oplossingen via eigen mogelijkheden of via mogelijkheden van het sociale netwerk dan wel via algemene, algemeen gebruikelijke collectieve, (wettelijk) voorliggende en individuele voorzieningen.
Aanvraag: het schriftelijke verzoek, met gebruikmaking van het daarvoor bestemde aanvraagformulier, van een belanghebbende om in aanmerking te komen voor één of meerdere voorzieningen om een resultaat te bereiken zoals omschreven in artikel 2 van deze verordening.
Belanghebbende: een persoon met een beperking, een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem die ondersteuning vraagt bij het bevorderen van zijn deelname aan het maatschappelijk verkeer en het zelfstandig functioneren en die voor zichzelf of, met behulp van een machtiging, door een ander een aanmelding of een aanvraag doet of laat doen.
Psychosociaal probleem: een situatie van verlies van zelfstandigheid en, met name, een gebrek aan mogelijkheden tot deelname aan het maatschappelijk verkeer, veroorzaakt door belemmeringen die iemand ondervindt in zijn relatie met anderen, met zijn sociale omgeving.
Maatschappelijke participatie: normale deelname aan het maatschappelijk verkeer, te weten:
Het voeren van een huishouden;
Het normale gebruik van de woning;
Het zich in en om de woning verplaatsen;
Het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel en
Het ontmoeten van medemensen en op basis daarvan sociale verbanden aan te gaan.
Algemene voorziening: een voorziening die:
Regulier in de handel verkrijgbaar is;
Niet uitsluitend bedoeld is voor mensen met een beperking;
Wordt geleverd op basis van directe beschikbaarheid;
Niet aanzienlijk duurder is dan vergelijkbare producten met hetzelfde doel
Een snelle, regelarme en adequate oplossing biedt voor de beperkingen die een persoon ondervindt in zijn maatschappelijke participatie.
De algemene voorziening wordt niet door de gemeente beheerd of verstrekt en is eveneens toegankelijk voor personen zonder beperkingen in de maatschappelijke participatie.
Algemeen gebruikelijk: naar geldende maatschappelijke normen tot het gangbare gebruiks- dan wel bestedingspatroon behorend van personen in een vergelijkbare situatie maar zonder specifieke beperking.
Wettelijk voorliggende voorziening: een voorziening op grond van een wettelijke bepaling anders dan ingevolge de wet, waarmee het resultaat geheel of gedeeltelijk bereikt kan worden.
Individuele voorziening: een voorziening die door het college ten behoeve van één persoon op basis van artikel 4 Wmo wordt verstrekt als blijkt dat er geen sprake is van algemene, algemeen gebruikelijke, of wettelijk voorliggende voorzieningen.
Gebruikelijke zorg: de zorgplicht die op het gebied van het voeren van het huishouden voor een ander lid van een leefeenheid geldt om gezamenlijk voor het huishouden te zorgen.
Leefeenheid: alle personen die dezelfde woning bewonen, waarbij sprake is van eenzijdige en/of wederzijdse zorg.
Voorziening in natura: een voorziening die in eigendom, in huur, in bruikleen of in de vorm van persoonlijke dienstverlening wordt verstrekt.
Persoonsgebonden budget: een geldbedrag om te gebruiken voor het te bereiken resultaat, als alternatief voor een voorziening in natura.
Financiële tegemoetkoming: een geldbedrag, al dan niet forfaitair of gemaximeerd, dat ingezet kan worden voor het in het besluit op de aanvraag genoemde te bereiken resultaat.
Mantelzorger: een persoon die mantelzorg in de zin van artikel 1, lid 1 onder b van de wet biedt.
Voorliggende voorziening: iedere voorziening waar de persoon gebruik van kan maken, zonder dat daar een toegangsbeoordeling door de gemeente aan vooraf gaat én die een passende oplossing vormt voor de participatiebeperkingen die de persoon ervaart.
Collectieve voorziening: een voorziening die individueel wordt toegekend maar die door meerdere personen tegelijk wordt gebruikt.
Hoofdverblijf: de woonruimte, bestemd en geschikt voor permanente bewoning, waar belanghebbende zijn vaste woon- en verblijfplaats heeft en in de gemeentelijke basisadministratie staat ingeschreven dan wel zal staan ingeschreven, dan wel het feitelijke voor permanente bewoning geschikte woonadres, indien het een persoon met een briefadres is.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2012, gemeente Groesbeek