**1..** Het college stelt op voorstel van de SW-geïndiceerde de hoogte van de
subsidie aan de werkgever vast;
**2..** De te verstrekken loonkostensubsidie wordt bepaald op basis van de
loonwaarde van de SW-geïndiceerde. Het college kan desgewenst de
loonwaarde laten vaststellen aan de hand van een loonwaardeonderzoek,
waarbij de loonwaarde een procentuele inschatting is van de
verdiencapaciteit van de SW-geïndiceerde in vergelijking met een
werknemer zonder arbeidsbeperking. Daarbij kan een externe deskundige
worden ingeschakeld;
**3..** Indien bij toepassing van het vorige lid het college gerede twijfel
heeft aan de juiste hoogte en waarde van de loonkostensubsidie vindt, in
afwijking van het vorige lid, een loonwaardeonderzoek plaats, op basis
waarvan de hoogte van de loonkostensubsidie wordt vastgesteld. Daarbij
kan een externe deskundige worden ingeschakeld;
**4..** In ieder geval vindt een loonwaardeonderzoek plaats als de voorgestelde
hoogte voor een loonkostensubsidie hoger is dan het percentage genoemd
in lid 2;
**5..** Onverminderd het bepaalde in de artikelen 5 en 10 van deze verordening
vindt eenmaal in de twee jaar een loonwaardebepaling plaats in geval er
sprake is van een dienstverband voor onbepaalde tijd.
Artikel 4
De wijze van vaststelling van de periodieke subsidie aan de werkgever
Onderdeel van VERORDENING PERSOONSGEBONDEN BUDGET BEGELEID WERKEN WET SOCIALE WERKVOORZIENING