Bij indiensttreding kent de werkgever aan de medewerker het salaris toe, dat in de op zijn functie betrekking hebbende salarisschaal is vermeld bij periodiek 0.
Ingeval daartoe naar het oordeel van de werkgever aanleiding bestaat, kan van het bepaalde in het vorige lid worden afgeweken door het toekennen van een hoger salaris, niet zijnde hoger dan het maximumsalaris van de betreffende salarisschaal. Argumenten hiervoor kunnen zijn gelegen in:
het hebben van aantoonbare relevante werkervaring;
de aansluiting van het aangetoonde salaris van de vorige dienstbetrekking ten opzichte van de huidige dienstbetrekking.
Indien de medewerker bij indiensttreding naar verwachting nog niet volledig voldoet aan de eisen die de functie stelt, wordt hij ingeschaald in de aanloopschaal. Over het algemeen is de aanloopschaal gekoppeld aan de aanstelling voor bepaalde tijd, bij wijze van proef.
De medewerker blijft in de aanloopschaal ingeschaald tot hij aan de voorwaarden voldoet, waarbij recht ontstaat op inschaling in de functieschaal. Deze voorwaarden zijn opgenomen in het aanstellingsbesluit of de arbeidsovereenkomst. Bij bevordering naar de functieschaal zijn de bepalingen uit artikel 9 van deze regeling van toepassing.
Hoofdstuk
Artikel 5
Salaris bij indiensttreding
Onderdeel van Regeling bezoldiging ambtenaren gemeente Eijsden-Margraten 2011