Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3:5:1:1

Amstjubileumgratificatie

Onderdeel van CAR/UWO

Aan de ambtenaar die gedurende 25 jaar een betrekking bij de overheid heeft vervuld, wordt een gratificatie toegekend overeenkomende met de helft van de bezoldiging en van de vakantie-toelage waarop hij in de maand van zijn jubileum aanspraak heeft. De ambtenaar die gedurende 40 respectievelijk 50 jaar een betrekking bij de overheid heeft vervuld, ontvangt een gratificatie gelijk aan een bedrag, overeenkomende met de gehele bezoldiging, vermeerderd met de vakantietoelage over de maand waarin hij deze jubilea gedenkt. Tenzij de ambtenaar anders verzoekt worden vorenstaande gratificaties niet uitbetaald, indien tevens een diensttijd bij deze gemeente van 25 respectievelijk 40 en 50 jaar zal worden bereikt. In dat geval zal aan de ambtenaar een gratificatie worden toegekend gelijk aan tweemaal het in lid 1 bedoelde bedrag, berekend over de maand waarin hij het jubileum bij deze gemeente gedenkt. Indien echter het betreffende ambtsjubileum bij deze gemeente niet meer kan worden bereikt, wordt de betreffende gratificatie ambtsjubileum overheid alsnog uitbetaald. Aan de ambtenaar, die wordt ontslagen op grond van artikel 8:3, 8:10 of 8:11 indien en voor zover het een volledig ontslag betreft en die indien het ontslag niet had plaatsgevonden het voor een gratificatie vereiste aantal dienstjaren na de ontslagdatum, doch voor het bereiken van de voor ouderdomspensioen geldende leeftijd had kunnen vervullen, wordt een proportionele gratificatie toegekend. Deze proportionele gratificatie wordt berekend door het bedrag waarop recht zou hebben bestaan indien het vereiste aantal dienstjaren zou zijn vervuld, te vermenigvuldigen met een breuk. Daarvan wordt de teller gevormd door het feitelijk geheel of gedeeltelijk vervulde aantal dienstjaren, waarbij naar beneden wordt afgerond op hele jaren; de noemer is het aantal dienstjaren dat vervuld had moeten zijn om voor de gratificatie in aanmerking te komen. Voor de toepassing van het gestelde in lid 1 wordt onder diensttijd verstaan de diensttijd in de zin van de voor het burgerlijk rijkspersoneel geldende regeling van gratificaties bij ambtsjubileum. De op grond van de in de leden 1 tot en met 2 berekende bedragen worden naar boven afgerond op een veelvoud van vijf euro. Bij gedeeltelijk ontslag wordt de proportionele ambtsjubileumgratificatie berekend naar rato van het aantal uren waarvoor ontslag wordt verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel