**1..** Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag:
een uitweg te maken naar de weg;
van de weg gebruik te maken voor het hebben van een
uitweg;
verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de
weg.
**2..** Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder weg verstaan
hetgeen artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994 daaronder
verstaat.
**3..** Een vergunning als bedoeld in het eerste lid kan worden
geweigerd in het belang van:
de bruikbaarheid van de weg;
het veilig en doelmatig gebruik van de weg;
de bescherming van het uiterlijk aanzien van de
omgeving;
de bescherming van groenvoorzieningen in de
gemeente.
**4..** Het bepaalde in het eerste lid geldt niet voor zover de Wet
beheer rijkswaterstaatswerken of het Rijkswegenreglement van
toepassing is.
**5..** In afwijking van art. 2:12 lid 1 is geen omgevingsvergunning
vereist voor het maken van een uitweg bij nieuwbouw, mits de
uitweg wordt aangelegd overeenkomstig de door het college
vastgestelde voor dat gebied geldende inrittenkaart.
Hoofdstuk 2. › Afdeling 5.
Artikel 2:12
Maken, veranderen van een uitweg
Onderdeel van ALGEMENE plaatselijke verordening 2010