Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.2.2

Looptijd vergunning

Onderdeel van Beleidsnota inzake het bijzonder gebruik van openbare ruimte

Ook hier bestaat geen reden om af te wijken van het beginsel van een maximale looptijd van 1 jaar voor de af te geven vergunning. Indien daartoe behoefte bestaat, dient de vergunning derhalve door de desbetreffende gebruiker telkens na afloop van de looptijd te verzoeken om verlenging van de vergunning. Een uitzondering kan worden gemaakt voor vergunningen voor uitstallingen in passages, voor zover de daarvoor gebruikte grond niet in eigendom is van de gemeente. Hier kan gedacht worden aan vergunningen voor onbepaalde tijd of met een zeer lange looptijd. Het bezwaar van een belemmering van de toepassing van toekomstig gemeentelijk beleid is hier aanzienlijk geringer, omdat de mate waarin kan worden beschikt over de ruimte (die immers niet in eigendom van de gemeente is) wezenlijk geringer is.

Rechtspraak bij dit artikel