Het gestelde in paragraaf 4.2.3 is van overeenkomstige toepassing, voor zover daarvan niet wordt afgeweken door het in deze paragraaf gestelde. Aan de terrasvergunning worden verder nog specifieke voorschriften verbonden, die verband houden met doel en strekking van de vergunningverlening. In dit verband kunnen voorschriften gegeven worden omtrent het te gebruiken materiaal. Op dit gebied te stellen concrete eisen worden opgesomd in de bij deze nota horende bijlage.
Een belangrijk uitgangspunt is het principe dat een terras op openbare grond enerzijds een tijdelijke uitbreiding is van de bedrijfsruimte van de betreffende horeca-ondernemer (een verlengstuk van diens zaak) en als zodanig ook wordt geaccepteerd, maar anderzijds optisch herkenbaar moet blijven als een deel van de openbare ruimte. Binnen dit concept past dan geen plaatsing van windschermen of ander materiaal in een zodanig royale omvang dat de optische indruk kan ontstaan dat het terras niet langer deel uitmaakt van die openbare ruimte. Gewaarborgd moet zijn dat een terras dat op publieke grond geëxploiteerd wordt ook een positieve toevoeging oplevert voor het straatbeeld en niet uitsluitend de behoefte van de horeca-ondernemer aan meer bedrijfruimte bevredigt.
Overwogen is om voorschriften te stellen die een uniformering van het gebruikte materiaal beogen van terrassen binnen het voetgangersgebied. Hiervan is evenwel afgezien omdat het nagestreefde voordeel (terrassen die visueel op elkaar zijn afgestemd) niet opweegt tegen het nadeel, te weten de inbreuk die zulks noodgedwongen betekent voor de bedrijfsvoering van de betrokken horeca-ondernemers.
Tenslotte gaat de (nog in de A.P.V. op te nemen) "terrassen-bepaling" de mogelijkheid bieden om via het verbinden van voorschriften
* de verlichting en het geluid op terrassen te reguleren; voor de concrete inhoud van deze voorschriften, welke ontwikkeld worden na overleg met de afdeling Milieu en Bouwen van de gemeente, wordt verwezen naar de Bijlage.
* de uren vast te leggen gedurende welke een terras in exploitatie mag zijn; daarbij dient hetgeen hieromtrent gesteld onder paragraaf 4.3.1. als richtsnoer.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.3.3
Voorwaarden en voorschriften
Onderdeel van Beleidsnota inzake het bijzonder gebruik van openbare ruimte