1.Het is verboden in een openbare inrichting onnodig op te dringen
of door uitdagend gedrag aanleiding te geven tot ongeregeldheden, te
veroorzaken of in groepsverband dan wel afzonderlijk anderen lastig
te vallen, te vechten of op andere wijze de orde te verstoren.
2.Het is verboden in een openbare inrichting messen, knuppels,
slagwapens of andere voorwerpen die als wapen kunnen worden
gebruikt, op een zodanige wijze mee te voeren dat de openbare orde
of veiligheid in gevaar komt of kan komen.
3.Het in het tweede lid gestelde verbod geldt niet voor wapens die
behoren tot categorie I, II, III en IV Wet wapens en munitie. Deze
wapens zijn op grond van de Wet wapens en munitie verboden.
4.Een ieder is verplicht in een openbare inrichting alle
aanwijzingen van ambtenaren van politie en brandweer in het belang
van openbare orde of veiligheid terstond en stipt op te volgen.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 8
Artikel 2:33
Ordeverstoring
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening