De minister van Justitie heeft hierover aangegeven dat “nu een deel van de exploitatie van prostitutie niet langer strafbaar zal zijn, invoering van de mogelijkheid voor gemeenten om exploitatie van prostitutie algeheel te weren niet aan de orde is. Er zijn onvoldoende gronden aanwezig die het treffen van een dergelijke voorziening rechtvaardigen. Een dergelijk verbod is waarschijnlijk in strijd met artikel 19, derde lid, Grondwet. Daarin is het recht op vrije keuze van arbeid neergelegd”.
Alhoewel op basis een uitspraak (tippelzone Heerlen) van de rechtbank Maastricht d.d 30 juni 1999, waarin een algeheel verbod op straatprostitutie niet mogelijk is gebleken vanwege strijdigheid met artikel 19, derde lid, van de Grondwet, zou kunnen worden verondersteld dat het niet mogelijk moet worden geacht andere vormen van prostitutie, zoals raamprostitutie, te verbieden/weren, moet in voorkomend geval rekening worden gehouden met de bestaande lokale wen regionale omstandigheden. Binnen de Euregio zijn thans reeds meerdere prostitutievormen aanwezig, zoals raamprostitutie in Kerkrade, straatprostitutie in Heerlen en het overgrote deel aan bordelen/privé-huizen in Kerkrade. De Regiovisie Parkstad Limburg “naar een regionaal prostitutiebeleid” inzake straatprostitutie, prostitutiebedrijven en parenclubs geeft voor deze regio de grenzen voor de seksinrichtingen en straatprostitutie aan, in ieder geval voor wat de aantallen per gemeente afzonderlijk en de regio in totaliteit betreft.