Zoals reeds onder 6 op pagina 5 is verwoord wordt onder verwijzing naar de Regiovisie Parkstad Limburg “naar een regionaal prostitutiebeleid” geconcludeerd dat de straatprostitutie-voorziening in Heerlen voorziet in een regionale behoefte en gemeenten die thans geen straatprostitutie binnen hun gemeentegrenzen hebben zodanige voorziening niet hoeven in te richten. Tegen de achtergrond van de regiovisie en met het oog op aantal seksinrichtingen binnen de gemeente in relatie tot het voorkomen van verstoring van de openbare orde en woon- en leefklimaat wordt een nulbeleid gevoerd ten aanzien van straatprostitutie. Daartoe is in de APV een algemeen verbod op straatprostitutie opgenomen
Resumerend kan voor hetgeen is verwoord onder 6.2 e.v. worden gesteld dat:
• voor prostitutiebedrijven het maximum wordt vastgesteld op 7 met dien verstande dat:
• voor raamprostitutie een nulbeleid is vastgesteld;
• voor bedrijfsmatige thuisprostitutie geen ruimte aanwezig is binnen het vastgesteld maximum;
• voor seksclubs een nulbeleid is vastgesteld;
• voor parenclubs een nulbeleid is vastgesteld;
• voor seksbioscopen, -automatenhallen en -theaters een nulbeleid is vastgesteld;
• voor escortbedrijven - met vergunning - geen maximum geldt;
• zich per wijk maximaal 1 sekswinkel kan vestigen, met dien verstande dat uitsluitend in of bij het aldaar gelegen winkelcentrum vestiging mogelijk is.