In deze verordening wordt verstaan onder:
de wet: de Winkeltijdenwet;
winkel: een winkel als bedoeld in artikel 1 van de wet;
feestdag: Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag, eerste en tweede Kerstdag;
college: het college van burgemeester en wethouders;
supermarkt: een detailhandelsbedrijf in de vorm van een zelfbedieningswinkel waar in hoofdzaak levensmiddelen en voedingsmiddelen - inclusief versartikelen zoals groente, brood, vlees en zuivel – en in beperkte mate huishoudelijke artikelen worden verkocht.