Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk II

Artikel 9

Terugvordering persoonsgebonden budget of financiële tegemoetkoming

Onderdeel van Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Aalten 2012

Is het persoonsgebonden budget of de financiële tegemoetkoming anders besteed dan bedoeld, dan kan het college deze geheel of gedeeltelijk terugvorderen. Daarbij zal leidend zijn of er opzet in het spel is geweest, of dat sprake is geweest van onwetendheid. In die laatste situatie wordt overlegd dat deze situatie in de toekomst vermeden dient te worden. Bij opzet moet afgewogen worden of terugvordering in verhouding staat tot wat er bewust onjuist is gedaan. In het geval van PGB voor Hulp bij het huishouden kan rekening worden gehouden met een verantwoordingsvrij bedrag ad € 250,00 per jaar, terwijl bedragen onder de € 25,00 die uiteindelijk niet verantwoord kunnen worden, niet teruggevorderd worden. Het persoonsgebonden budget of de financiële tegemoetkoming wordt teruggevorderd als: het geld niet wordt aangewend voor het doel waarvoor het is verstrekt; de ondersteuningsvrager voordat hij de voorziening heeft aangekocht of besteld overlijdt of verhuist naar een andere gemeente; door een voortschrijdend ziektebeeld de geïndiceerde voorziening niet meer adequaat is en de ondersteuningsvrager met het toegekende bedrag de voorziening nog niet heeft aangekocht of besteld; de ondersteuningsvrager zich niet houdt aan de voorwaarden waaronder het persoonsgebonden budget of de financiële tegemoetkoming is verstrekt. Voordat terugvordering kan plaatsvinden dient eerst het recht op een voorziening ingetrokken te worden, zie artikel 32 van de verordening, met een intrekkingsbeschikking.Een voorziening aangeschaft met een persoonsgebonden budget of met een financiële tegemoetkoming kan, zodra deze voorziening niet meer gebruikt wordt, onder verrekening naar rato van eventueel ingebrachte eigen middelen, door het college worden opgehaald en voor herverstrekking beschikbaar gesteld. Indien de ondersteuningsvrager nadat de voorziening is aangekocht overlijdt of is hersteld, dient de voorziening (bedrag naar rato of de zaak) aan de gemeente terug te worden gegeven. Deze teruggave verplichting wordt in de beschikking opgenomen, met als argument dat de voorziening dan voor herverstrekking wordt ingezet. Indien een ondersteuningsvrager, binnen de gestelde periode waarvoor het persoonsgebonden budget of de financiële tegemoetkoming is verstrekt, verhuist naar een andere gemeente dient het bedrag naar rato terugbetaald te worden of wordt die gemeente verzocht de voorziening over te nemen.

Rechtspraak bij dit artikel